Home > Nieuws en Agenda > Recent nieuws > Saskia Stehouwer
Nieuwsarchief
27-01-2010

Landschap, identiteit en verzoening in Zuid-Afrikaanse poëzie

Saskia Stehouwer studeerde Engels en Nederlands en was lange tijd een van de drijvende krachten van SAVUSA (South Africa - VU University - Strategic Alliances). Hoewel zij nog tot 1 april 2010 betrokken blijft bij SAVUSA, is zij nu vooral een van de VISOR promovendi. Stehouwer onderzoekt vanuit de Faculteit der Letteren de betekenis van landschap in Zuid Afrikaanse poëzie in relatie tot verzoening en identiteit.

Mijn onderzoek gaat over Zuid-Afrikaanse poëzie vanaf 1990, dus ongeveer vanaf de tijd dat het democratiseringsproces in gang werd gezet. Ik ben benieuwd naar de wijze waarop Zuid-Afrikaanse dichters hun zoektocht naar een nieuwe ‘post-apartheid’ identiteit vormgeven in hun poëzie. Landschapsbeelden spelen daarin een grote rol. Het gaat dan om vragen als, van wie is het land? Wie hoort daar? Iedereen zoekt een nieuwe plaats in dat land en dat komt in de poëzie tot uiting. Dat zoeken naar een plaats is ook een zoektocht naar verzoening. Is verzoening mogelijk? Dichters hebben een boeiende stem in het verhaal van Zuid-Afrika. Zij brengen die dilemma’s op een eigen manier ter sprake en vormen misschien een voorbeeld van hoe je met identiteit en verzoening zou kunnen omgaan. Dat komt ook omdat Zuid-Afrikaanse dichters al langer geprobeerd hebben om over kleurgrenzen heen te denken. Veel dichters waren ook betrokken bij de strijd tegen apartheid.

In Zuid-Afrika kennen dichters een sterk engagement met de samenleving. Poëzie staat niet op zichzelf in Zuid-Afrika maar was vooral tijdens de apartheid gedwongen zich te verhouden tot de maatschappelijke situatie. Dichters maken deel uit van een maatschappelijk debat en zij vertegenwoordigen een stem die in een eigen taal iets toevoegt aan dat debat. Dichters signaleren en vervullen soms de rol van waakhond in het debat. Wat opvalt, is dat dichten in Zuid-Afrika niet wordt gezien als iets wat je ‘zomaar’ doet. Het heeft een duidelijke urgentie. Maar visionair kun je Zuid Afrikaanse poëzie niet noemen, omdat het land, en daarmee de dichters, zich momenteel vooral in een zoekende fase lijken te bevinden. Er is schroom vanuit het verleden, bijvoorbeeld bij sommige Afrikaanstalige dichters omdat hun taal geassocieerd blijft met de oude onderdrukkende structuren. En het is in ieder geval heel moeilijk om een weg te beschrijven die tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen overstijgt.

Hoe iemand zich thuis kan voelen, wat ik eigenlijk een mooier woord vind dan het Engelse ‘belonging’, en hoe dat in poëzie naar voren komt, dat vind ik een boeiende vraag. Interessant aan mijn onderzoek is dat die vraag sterk interdisciplinair uitgewerkt kan worden. Het analyseren van gedichten is letterkundig van aard, maar het begrip identiteit brengt je op het terrein van de culturele antropologie en andere sociale wetenschappen, en verzoening brengt theologische discussies met zich mee. Het onderzoek naar poëzie biedt zo ook mogelijkheden om wetenschap, schrijven en maatschappelijk engagement met elkaar te verbinden. Als blanke onderzoeker in Zuid-Afrika word ik meteen geassocieerd met een bepaalde kleurgroep. Dat brengt een beperking met zich mee. Maar omdat ik een andere achtergrond heb dan de Zuid-Afrikanen ben ik aan de andere kant misschien juist ook in staat om meer met afstand te kijken.

Het komende jaar wil ik mijn project verder afbakenen door een ‘corpus’ gedichten samen te stellen. Je kunt natuurlijk niet alles behandelen en mijn keuze moet daarom goed verantwoord worden. Binnenkort ga ik voor onderzoek naar het National English Literature Museum in Grahamstown. Daar hebben ze echt alles op het gebied van Zuid-Afrikaanse literatuur. Wat betreft schrijven, wil ik mijn theoretisch kader rond de hoofdthema’s landschap, verzoening, en identiteit verder uitwerken. En als tussendoortje wil ik vast af en toe een gedicht analyseren!

Graag zou ik zien dat poëzie een prominentere plaats krijgt bij Letteren. Poëzie is springlevend en verdient daarom meer aandacht. Ook met het oog op studenten is het goed om poëzie te profileren, want het samen lezen en bespreken van gedichten is leuk en leerzaam. In het algemeen heeft Letteren een aantrekkelijke veelzijdigheid en kan het verbindingen leggen tussen verschillende terreinen van het leven. Ik zou mensen willen aanmoedigen om Letteren te gaan studeren omdat ze op die manier worden opgeleid tot opmerkzame, genuanceerd denkende mensen, die ook een heel relevante bijdrage kunnen leveren aan allerlei maatschappelijke discussies.

 

Zie ook de medewerkerspagina van Saskia Stehouwer en de website van SAVUSA

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam

spamfuik@vu.nl